Waarom klanten slechte cloudconnectiviteit ervaren (en hoe MSP’s dat oplossen)

De vraag naar connectiviteit is de laatste jaren sterk veranderd. Traditionele netwerken werden in en rondom kantoren opgezet. De on premise IT-infrastructuur was daarbij het uitgangspunt, met daarbij een back-up oplossing in een extern datacenter. Meestal werd gebruik gemaakt van dark fiber, WDM, ethernet, MPLS en IP VPN.

Door de komst van de cloud is dat nu anders. Met vallen en opstaan is gebleken dat traditionele vormen van connectiviteit vaak niet volstaan voor wie gebruik wil maken van de cloud. Veel organisaties worstelen hier mee. Zij kijken naar hun IT-partner voor betrouwbare, betaalbare en veilige connectiviteit naar de cloud. Hoe kunnen MSP’s hier een rol in spelen?

Connectiviteit is veel belangrijker geworden

Omdat IT nu vaker gedecentraliseerd is, met workloads in de cloud en in externe datacenters, is connectiviteit veel belangrijker geworden. Daarbij is er een tendens om die connectiviteit bij één partij te beleggen. Wie dus in alle connectiviteitsbehoeften kan voorzien, zowel binnen als buiten bedrijfspanden, voorziet in een groeiende behoefte van organisaties.

Specifiek voor clouddiensten geldt dat instabiele netwerken, beperkingen in bandbreedtes en packet loss in slecht functionerende cloud applicaties resulteert. De uitdaging zit hem erin dat deze connectiviteit vaak afhangt van verschillende factoren, zoals de locatie van de cloud provider, hoe de cloud provider zijn diensten toegankelijk maakt en hoe lokale netwerken toegang bieden tot cloud providers.

Het publieke internet is geen oplossing voor cloudconnectiviteit

Microsoft Azure, Amazon Web Services en Google hebben allemaal hun eigen gestandaardiseerde manier van cloud access. Tot nu toe kiezen organisaties die deze diensten gebruiken in meerderheid voor om publieke internetverbindingen om toegang te krijgen. Dat is ook niet gek: deze verbindingen zijn eenvoudig te implementeren, gestandaardiseerd en overal beschikbaar. Maar er gaan ook flinke beperkingen mee gepaard.

Hoe meer workloads en applicaties de cloud in worden gebracht, hoe slechter de prestaties van deze workloads en applicaties zullen zijn als het publieke internet wordt gebruikt om met de cloud te verbinden. Packet loss en jitter zullen veel voor komen, pieken in verkeer leiden tot bottlenecks en er is geen grip op routering van data. Daarnaast is veel verkeer over het publieke internet kwetsbaar voor beveiligingsincidenten.

Managed service providers zien connectiviteit vaak niet als een onderdeel van hun diensten. Maar klanten wenden zich wel tot hen bij problemen met beveiliging of performance van de clouddiensten die aan hen zijn geadviseerd. Connectivity plays a critical factor and that’s why we believe there is an opportunity for MSP’s to help their customers get the right connectivity for their cloud needs. Omdat deze problemen steeds vaker worden veroorzaakt doordat het verkeerde type connectiviteit wordt gebruikt, ligt het voor de hand dat een MSP ook op dat vlak diensten gaat aanbieden.

Aanpassen, vermijden of all-in?

Haperende connectiviteit is dus een veelvoorkomend probleem waar MSP’s een oplossing voor kunnen bieden. Er zijn meerdere manieren om dit probleem te benaderen. Eén daarvan is het opnieuw ontwerpen van netwerken. Door af te stappen van de traditionele focus op de locatie van een kantoor en de connectiviteit naar een datacenter, kunnen workloads beter van en naar de cloud worden gestuurd. Maar dit zou een kostbare, tijdrovende operatie zijn. Een netwerk moet flexibeler worden en moet waarschijnlijk gedeeltelijk of volledig worden geautomatiseerd om variabele workloads aan te kunnen. Voor de meeste organisaties is deze optie veel te ingrijpend en niet te rechtvaardigen.

Een andere optie zou zijn om geen clouddiensten te gebruiken. Hoe achterhaald dit ook lijkt, blijkt uit recente gegevens over cloudadoptie van brancheorganisatie Dutch Hosting Provider Association (DHPA) dat deze strategie door sommige organisaties actief wordt nagestreefd. De reden? Een (vermeend) gebrek aan beveiliging en controle, wat vaak ook te maken heeft met connectiviteit.

Last but not least, lijkt het vanuit het perspectief van de eindgebruiker misschien een goed idee om alle eieren in één mandje te leggen en uitsluitend zaken te doen met één leverancier van clouddiensten. Maar daarmee blijft de behoefte bestaan aan meer grip en controle op connectiviteit. Ook zal het de flexibiliteit en het aanpassingsvermogen van een organisatie ernstig onder druk zetten, om nog maar te zwijgen van het reële risico op vendor lock-in.

Managed service providers moeten niettemin altijd rekening houden met de behoeften van klanten en openstaan voor elke oplossing, zelfs als dit keuzes vereist die onorthodox zijn. In de meeste gevallen zal de cloud waarschijnlijk deel uitmaken van deze oplossing, omdat klanten de flexibiliteit nodig hebben die de cloud biedt. Door deze flexibiliteit zullen klanten ook meerdere manieren hebben om gebruik te maken van clouddiensten, wat ook flexibele cloudconnectiviteit vereist. Flexibele contracten, bandbreedtes, aangesloten locaties en toegang tot verschillende cloudproviders worden dus allemaal belangrijker voor organisaties.

Een end-to-end dienst

Zoals blijkt kan cloudconnectiviteit voor veel hoofdbrekens zorgen. Daarom maken we gebruik van een gestandaardiseerde DCspine Cloud Connect voor end-to-end connectiviteit op basis van een L2 private ethernetverbinding. Op deze manier zijn we in staat om een enkele SLA aan te bieden en zorgen we dat alle hobbels en hindernissen voor de eindklant worden weggenomen. We kunnen deze verbindingen op afroep leveren vanuit elk datacenter (ruim 70) waar we een point-of-presence hebben om ervoor te zorgen dat klanten ten volle kunnen profiteren van de cloud wanneer ze maar willen.

Wilt u meer weten over onze end-to-end cloud connect of onze andere diensten? Download onze whitepaper ‘How to easily set up a Cloud Connect’ of neem contact met ons op.